Ga naar hoofdcontent Ga naar de hoofdnavigatie
Aantoonbaar Betere Ambulante Begeleiding (ABAB)

Aantoonbaar Betere Ambulante Begeleiding (ABAB)

Krachtige methode voor zelfevaluatie nu beschikbaar

15 april 2009 - Leestijd 10 - 15 minuten

Op initiatief van de WEC-Raad is door organisatie adviesbureau Van Beekveld & Terpstra een zelfevaluatiemethode ontwikkeld voor ambulante begeleiding. Alle betrokkenen  – van de ambulant begeleiders zelf tot scholen, ouders en leerlingen –  dragen bij aan de evaluatie. Hierdoor ontstaat een compleet beeld op grond waarvan de dienstverlening kan worden verbeterd.

page.header_image.alt

Foto: Harry op den Kamp

Sinds het wijzigen van de inspectiekaders, waarbij scholen en ook ambulante begeleidingsdiensten zelf hun kwaliteit evalueren en communiceren, wordt van scholen en instituten een groter zelfevaluerend vermogen gevraagd. Niet alleen het primair en voortgezet onderwijs, maar ook de regionale expertisecentra en de daaraan verbonden ambulante begeleiding moeten in staat zijn de eigen kwaliteit te meten en vervolgens te verbeteren. Voor de ambulante begeleiding ontbrak het aan een goed instrument om die zelfevaluatie te kunnen doen. Op initiatief van de WEC-Raad is daarin nu verandering gekomen. Met behulp van het veld zelf zijn vragenlijsten ontwikkeld die, ingevuld door alle stakeholders, een compleet beeld opleveren. Hoe tevreden zijn scholen en leerkrachten over de dienstverlening? Hebben leerlingen en leerkrachten baat bij de gegeven adviezen? Is het voor ouders duidelijk wat ambulante begeleiding inhoud? Wat is de kwaliteit van de begeleidingsplannen?

ABAB geeft een duidelijk beeld van hoe tegen je organisatie wordt aangekeken

De vragenlijsten kunnen via Internet worden ingevuld en mensen worden via email uitgenodigd deel te nemen, hetgeen een hoge respons genereert. De beantwoording levert een veelheid aan gegevens op die per doelgroep of per locatie kunnen worden uitgewerkt, maar die ook kunnen worden gecombineerd. Zo is het met één druk op de knop mogelijk allerlei vergelijkingen te maken; bijvoorbeeld de eigen kwaliteit vergelijken met het landelijk gemiddelde of met andere diensten binnen het cluster. Wanneer het onderzoek later wordt herhaald, kunnen trendvergelijkingen worden gemaakt.  Het koppelen van de percepties van leidinggevenden van de dienst, de ambulant begeleiders, de school, de ouders en de leerlingen levert een brede en diepe analyse op van de kwaliteit van de ambulante begeleiding. De bespreking van de uitkomsten leidt vervolgens tot een gedegen zelfevaluatie waarin zowel sterke als zwakke punten worden benoemd en verklaard.