Ga naar hoofdcontent Ga naar de hoofdnavigatie
Succesvolle samenwerking regulier onderwijs en cluster 2 in Zwolle en Schagen
  • Reportage
  • Jongeren
  • Kinderen
  • Passend Onderwijs
  • TOS

Succesvolle samenwerking regulier onderwijs en cluster 2 in Zwolle en Schagen

8 december 2017 - Leestijd 5 - 10 minuten

In 2014 is de wet Passend Onderwijs ingevoerd. Hoe hebben speciale en reguliere scholen hieraan vorm gegeven in de afgelopen drie jaar? In deze reportage laten medewerkers van Kentalis en VierTaal zien hoe ze in Zwolle en Schagen succesvol samenwerken met het regulier onderwijs. “Er is niet één manier.” 

  • Peter van Veen
page.header_image.alt

In 2020 wordt de wet Passend Onderwijs geëvalueerd. Vraag is dan of de inzet van cluster 2 voldoende aansluit bij de wensen van het regulier onderwijs, de leerlingen en hun ouders. Halverwege de invoering en evaluatie van de wet zijn er al veel initiatieven van de grond gekomen.

De samenwerking tussen Kentalis en het Thorbecke Scholen­gemeenschap is er een van. Deze is gestart als project in het schooljaar 2013- 2014 in de brugklas van het VMBO. Vijftien TOS-leerlingen namen deel aan deze pilot, van wie vijf leerlingen met een medium en tien met een intensief arrangement. De kinderen met een medium arrangement zitten met ondersteuning in een reguliere klas, de anderen volgen speciaal onderwijs in een apart lokaal op een leerplein van het Thorbecke, maar hebben wel een aantal gezamenlijke lessen met reguliere groepen. De medewerkers van Kentalis hebben hun werkplek op het Thorbecke en werken nauw samen met het team van de Zwolse reguliere school. “De leerlingen van ongeveer gelijke leeftijd met een specifieke of speciale onderwijsbehoefte zitten in dezelfde gang. Daar lopen medewerkers van Kentalis en het Thorbecke snel bij elkaar naar binnen. Ik doe weinig aan individuele begeleiding van leerlingen buiten de klas, maar zet veel meer in op begeleiding in de klas en op scholing en coaching van medewerkers”, vertelt Mariët Koster, Ambulant Begeleider bij Kentalis. Projectleider Betsy Gerritsen onderstreept de woorden van haar collega en legt uit dat er zo weinig mogelijk uitzonderingen worden gemaakt voor de TOS-leerlingen: “Wij gebruikten voor de TOS-leerlingen aparte lesmethoden, die uit het speciaal onderwijs. De resultaten bleven echter achter. Toen hebben we deze ingeruild voor die van het Thorbecke. De leerlingen vonden het geweldig en de resultaten gingen omhoog. Voordeel is ook dat ze veel makkelijker doorstromen binnen de school.” Mariët Koster vult aan: “Je moet niet te bang zijn. Probeer het maar gewoon. Telkens weer ervaren wij dat onze leerlingen geen aparte behandeling willen.”

Leraar en leerling aan het werk in aparte kamer op school

De samenwerking tussen VierTaal en het Regius College in Schagen is anders georganiseerd dan in Zwolle. De TOS leerlingen zitten verspreid over de campus van het Regius in dezelfde klassen als de reguliere leerlingen. Bij de start in 2014 is eerst een Plan van Aanpak geschreven, vertelt Klaas de Graaf, teamleider Ambulante Dienst Cluster 2 NHN van VierTaal. “Daarnaast is de onderwijs­voorziening omschreven en op papier gezet wie wat doet. De ambitie en visie van de school is belangrijk voor succes.” Collega en Ambulant Begeleider Sita Hoekstra vertelt verder: “Ook wij ervaren dat leerlingen niet apart behandeld willen worden.” Ze benadrukt dat een goede samenwerking heel belangrijk is. “Docenten moeten mogelijkheden zien. Dit ontstaat doordat er vanuit Viertaal formatie wordt vrijgemaakt voor interne ondersteuning. De AB’er brengt de expertise naar de school toe en neemt samen met de arrangement­ondersteuner vanuit het Regius College een deel van de belasting over van de docenten. Bij iedere TOS-leerlingen stel je de vraag: wat gaan wij doen.” Ze spreekt met nadruk ‘wij’ uit, waarbij de anderen bevestigen dat ze dit herkennen. Ze vervolgt: “Er is veel mogelijk, maar je moet wel vertrouwen creëren. Dat is ons gelukt.”

Alle vier benadrukken dat de ambitie en visie van de reguliere school essentieel is voor een goede samenwerking. Betsy Gerritsen: “De rollen en verantwoordelijkheden moeten helder zijn. Natuurlijk spreek je af wie wat doet, maar daarvoor moet helder zijn wie waarvoor verantwoordelijk is. Je kunt je voorstellen dat bij bijvoorbeeld co-teaching het goed is om dit van te voren bespreken.”

Klaas de Graaf en Sita Hoekstra vertellen dat een begeleidings­plan daarbij essentieel is. “Ook is goede voorlichting aan alle betrokkenen, bijvoorbeeld docenten en medeleerlingen, vanaf de start belangrijk. Vergeet vooral de ouders hierbij niet te betrekken”, zegt AB’er Hoekstra. “Scholen kunnen bang zijn dat hun gemiddelde resultaat omlaag gaat en dat ze daarop worden afgerekend”, merkt Betsy Gerritsen op. “Maar in de praktijk doen onze leerlingen het goed. De directeur van het Regius College is trots op onze samenwerking”, vult teamleider De Graaf aan.

Leraar en begeleider in gesprek

De resultaten van de TOS-leerlingen zijn zowel op het Thorbecke als op het Regius College boven verwachting. De scores en doorstroming van de leerlingen zijn beter dan verwacht. “Wij stellen hogere doelen dan vroeger en dat werkt. Kinderen trekken zich aan elkaar op. Bovendien is het goed dat docenten uit het SO en VSO meer in contact komen met het regulier onderwijs. Je gaat anders tegen onze leerlingen aankijken. Ze zijn tot veel meer in staat dan wij vaak denken”, stelt Gerritsen. De Graaf knikt en zegt: “En laat je niet weerhouden door wet- en regelgeving. Er is veel mogelijk. Als je een goed verhaal hebt, laat de Onderwijsinspectie zich makkelijk overtuigen. Ze zei toen nog dat er bepaalde zaken misten, maar dat het nooit de bedoeling van de Inspectie kan zijn om zo’n mooi initiatief als onvoldoende te beoordelen.”

In Zwolle liet in 2014 een evaluatie van de pilot een positief resultaat zien. Besloten is toen de samenwerking voort te zetten. De TOS- leerlingen lijken te profiteren van het onderwijs binnen de reguliere setting. De leerlingen maken vanuit het intensief arrangement sneller de overstap naar het regulier onderwijs. En met succes, want na vier jaar heeft twee derde van de pilot-leerlingen een VMBO- diploma op zak. Een extern monitor-onderzoek begin dit jaar bevestigt dat de samenwerking goede mogelijkheden biedt voor TOS- leerlingen. Enthousiast merkt Mariët Koster hierbij op: “Werken vanuit het positieve is zo belangrijk.” Momenteel krijgen 40 TOS-leerlingen in verschillende arrangementen onderwijs en begeleiding op de Thorbecke Scholengemeenschap.

Klaas de Graaf en Sita Hoekstra beschikken nog niet over uitgebreide evaluatie­gegevens, maar zijn ervan overtuigd dat de samenwerking positief uitvalt voor de TOS-leerlingen. Hoekstra: “Het Regius College is lovend over onze inzet.“

MEER INFORMATIE

Plan van Aanpak mediumvoorziening Viertaal
Beschrijving onderwijsvoorziening Regius College
Informatieve filmpjes over de mediumvoorziening in Zwolle:


Verder zijn nog twee documenten beschikbaar: een evaluatieverslag van de “Pilot VSO ESM - Zwolle” en een “Monitoronderzoek samenwerking Thorbecke Scholengemeenschap & Koninklijke Kentalis Passend Onderwijs aan leerlingen met taalontwikkelingsstoornissen”; beide zijn op te vragen bij Betsy Gerritsen (b.gerritsen@kentalis.nl).