Ga naar hoofdcontent Ga naar de hoofdnavigatie
Hoogleraar Duker kritisch over zorg en onderwijs

Hoogleraar Duker kritisch over zorg en onderwijs

13 december 2014 - Leestijd 5 - 9 minuten

“Etiketten als autisme en adhd schaden kinderen”

“Het voordeel van een etiket als autisme of adhd is dat het op korte termijn onzekerheid wegneemt. Op lange termijn levert het echter schade op. Het stigmatiseert mensen.” Dit zegt oud-hoogleraar orthopedagogiek Pieter Duker. Hij schreef het boek Afscheid van autisme en adhd. In een interview met VHZ zet hij kanttekeningen bij het Speciaal Onderwijs en pleit hij voor hoger gekwalificeerde leerkrachten op reguliere scholen.

page.header_image.alt

Foto: Monte Gardenier

‘Mensen, met name kinderen, verschillen sterk in de wijze waarop ze met prikkels (stimuli) omgaan.’ Met deze zin begint het eerste hoofdstuk van het boek Afscheid van autisme en adhd van Pieter Duker. Boven deze regels staat: Iedereen is anders. Het zijn woorden die in het interview met de hoogleraar verschillende keren terugkomen. “Er zijn grote verschillen tussen kinderen. Verschillen zijn belangrijk en moet je koesteren. Heterogeniteit is belangrijk in de natuur. In plaats dat we leren met die verschillen om te gaan hebben we een norm en als je daarvan afwijkt krijg je een etiket opgeplakt.”
In zijn boek over autisme en adhd concentreert de hoogleraar zich op prikkelverwerking bij mensen. Niet bij iedereen gaat dat op dezelfde manier, de één vindt veel prikkels aangenaam, de ander heeft er juist last van. Met prikkels bedoelt Duker alles wat een mens zintuiglijk ondergaat of aangeboden krijgt. Hierbij moet je denken aan bijvoorbeeld geluiden, visuele beelden, gesprekken, gebeurtenissen, maar ook interpretaties van situaties, gedachten of veranderingen. In de termen van Duker zijn boek zijn adhd’ers prikkelzoekers en mensen met autisme prikkelvermijders.
“De meeste mensen hebben geen problemen met het verwerken van prikkels. Ze staan er ook niet bij stil. Er zijn echter ook mensen die er wel last van hebben. Ze voelen zich onaangenaam omdat ze te veel of te weinig prikkels krijgen. Hier moeten we iets mee. Deze mensen hebben het recht om geholpen te worden, maar ook om zichzelf te zijn”, legt de hoogleraar uit. Hierbij ontspoort de huidige hulpverlening, meent hij. Door etiketten te plakken ontneem je mensen hun eigenheid.

Verontwaardiging

In zijn boek toont Duker zich verontwaardigd. Hij legt uit waar die vandaan komt. “Ik heb veertig jaar in de zorg voor verstandelijk gehandicapten gewerkt. Ik heb ook met veel mensen met psychiatrische problematiek gewerkt. In de loop van de jaren begon ik te zien dat veel professionals natuurlijk gedrag problematiseren. Ze versterkten daarmee de problematiek die ze dachten aan te pakken. De classificatie van persoonlijkheidsstoornissen, zoals de nieuwe DSM-5, is een grote grap, als het niet zo erg zou zijn. In mijn boek laat ik zien dat nogal wat professionals op basis van flinterdunne diagnostiek een grote groep mensen invalideert. Dit besef is in de loop van de jaren gegroeid en daaruit is dit boek voortgekomen.”

Te weinig bagage

Duker benadrukt dat hij geenszins problemen wil bagatelliseren. “Er zijn veel kinderen die problemen hebben. Die moeten zeker geholpen worden.  Je kunt hierbij ook denken aan kinderen die gepest worden of waarvan bijvoorbeeld de ouders een paar keer gescheiden zijn. We helpen kinderen niet door ze een label op te plakken of te verwijzen naar het Speciaal Onderwijs. Naar mijn mening moeten ze geholpen worden op de plek waar ze zitten. Dit vraagt nogal wat van de leerkracht. Naar mijn mening is dit een hooggekwalificeerd beroep. De praktijk laat wat anders zien, veel leerkrachten hebben te weinig bagage en zijn onvoldoende geschoold om met verschillen om te gaan. Met de huidige technische hulpmiddelen en hooggeschoold personeel moeten professionals in staat zijn meer te differentiëren op school. Daarin moeten we investeren en niet in speciale scholen voor ze.”
Duker is dan ook positief over Passend Onderwijs. Tegelijk plaatst hij kanttekeningen bij de invulling. “Nog steeds blijven we onevenredig veel investeren in speciaal onderwijs, terwijl er meer geld moet gaan naar het opleiden van professionele leerkrachten op reguliere scholen. En”, vraagt hij zich af, “stoppen we nu met labellen?”
Op de opmerking dat labellen noodzakelijk is om geld te krijgen voor begeleiding, reageert hij: “Dat zegt meer over het systeem dan over de noodzaak tot etiketten plakken. Ik roep professionals in het onderwijs op hiertegen in verzet te komen. Je krijgt voor een kind dat ernstig gepest wordt en  problemen heeft geen geld, maar voor een kind met de diagnose adhd wel. Dat is toch vreemd!”

Ook ziet de hoogleraar geen problemen voor evidence bases werken wanneer labels worden afgeschaft. “Dat staat los van elkaar. Je moet namelijk altijd toetsen of dat wat je doet ook effect heeft.”
Hiermee noemt hij een ander belangrijk bezwaar dat steeds terug komt in zijn boek. “We plakken mensen etiketten op zonder dat dit wetenschappelijk is onderbouwd. Kinderen krijgen medicatie zonder dat we weten wat de gevolgen zijn op langere termijn. We beweren dat het goed is voor de sociaal-emotionele ontwikkelingen wanneer we kinderen met een bepaalde beperking bij elkaar op school zetten. Dit is echter onvoldoende wetenschappelijk aangetoond. We weten niet wat de effecten op lange termijn zijn. Ondertussen stigmatiseren we wel.”
Zijn kritische houding maakt Duker echter niet pessimistisch. Hij constateert dat de samenleving steeds complexer wordt. Hij eindigt zijn boek met: ‘We gaan zonder twijfel een periode tegemoet van grote acceptatie van psychodiversiteit.’

Wie is Pieter Duker?

Wie is Pieter Duker?

Na zijn studie Psychologie trad Pieter Duker in dienst als wetenschappelijk medewerker bij de vakgroep orthopedagogiek van de Katholieke Universiteit Nijmegen. Daarnaast  werkte hij als psycholoog bij De Winckelsteegh, een voorziening voor mensen met een ernstige verstandelijke handicap. Hij promoveerde in 1975 op de analyse en behandeling van zelfverwondend gedrag bij mensen met een verstandelijke handicap. In 1983 en 1984 was hij hoogleraar aan de San Diego State University (California/USA) en in 1992 aan de University of Queensland (Australië). In 1988 werd hij benoemd tot bijzonder hoogleraar aan de Radboud Universiteit.
Zijn laatste boek is Afscheid van autisme en adhd. Hoe verschillen tussen mensen psychiatrische ziekten zijn geworden … En de weg terug. Uitgeverij Notitia. € 17,95. Het boek is leesbaar voor een breed publiek en eindigt met praktische tips voor onder andere ouders en leerkrachten.